Met zijn tweede album I’m under the house, I’m dying lijkt The Hickey Underworld klaar voor het buitenland. Zijn catchy noiserock wordt er uitgediept en voorzien van een sound met internationaal appeal. ,,De tourette is onder controle”, klinkt het.
De troeven die The Hickey Underworld op zijn debuut uitspeelde, schitteren ook op zijn tweede plaat I’m under the house, I’m dying: een stormachtige ritmesectie, de door merg en been klievende zang van Younes Faltakh, de ijzingwekkende gitaarriffs van Jonas Govaerts, de internationaal klinkende productie van Das Pop en, vooral, songs die je hartkleppen doen tilt slaan en die zich diep in de onderbuik boren. Het verschil met het titelloze debuut uit 2009? De Hickeys durven hun schuimbekkende razernij bij momenten de kop indrukken om een bevreemdende bluesfeeling toe te laten. Daarenboven komt de Antwerpse band hier en daar opvallend psychedelisch uit de hoek (die panfluit in ‘Cold embrace’!), wat nu duivels grappig aandoet, dan weer verdomd creepy.
,,Onze visie op de sound was deze keer doordachter”, zegt Faltakh. ,,Qua riffs zijn we preciezer te werk gegaan. Op de eerste plaat hoor je ons iets vaker doelloos rammen op de gitaren. Wat natuurlijk ook zijn charmes heeft”. Govaerts vult aan: ,,De zachte songs zorgen ervoor dat de heftige songs er beter uitkomen. De nieuwe plaat heeft meer kleur. Zoals de letters op de platenhoes: een vuile regenboog.”
Het Gentse trio Das Pop tilt de robuuste Hickey Underworldklank voor de tweede keer naar een productieniveau dat we in België niet vaak horen. Maar deze keer konden de Hickeys met hun spieren rollen dankzij de vele concerten die de groep vorig jaar speelde. Zorgde dat niet voor verhitte discussies tussen band en producers?
,,Deze keer hebben de mannen van Das Pop ons minder moeten leren”, zegt Govaerts. ,,We werkten mooi naast elkaar, op hetzelfde niveau. Ik herinner me eigenlijk geen discussies.
Misschien wilden de Das Pop-jongens wat vaker de poptoer op terwijl wij het liever wat epischer aanpakken.”
Dankzij de gedetailleerd uitgewerkte texturen op I’m under the house, I’m dying openbaart zich plots een spannender, contrastrijker klankveld. Knoestige leadgitaren wurmen zich door fijngeslepen, rinkelende riffs die als prikkeldraad om de melodieën zitten, zoals in het gevaarlijk catatonische ‘The frog’. ‘Martian’s cave’ schuift langs een wonderlijke klankenbrij waarin zich potten en pannen, hypnotiserende stemmen en kosmische synths verbergen. Het is onversneden Hickey Underworld, maar dan in 3D. ‘Pure hearts in mud’ breekt de blues open als een Kinder Suprise-eitje, een beetje à la Mark Lanegan, en kerft door het vlees tot er alleen maar bot overblijft.
,,Zowel qua fretting als toonaard refereren we er naar de blues”, vertelt Faltahk. ,,Er zit hartenpijn en vervreemding in, dus dat klopt wel. En het is fun om te spelen”.
Het is niet het enige liedje dat een introspectievere kant van The Hickey Underworld bloot legt.
,,Maar het impliceert niet dat dit een properder plaat is geworden”, zegt Govaerts. ,,Kijk, je hebt kwaadheid, maar er bestaat ook een euforische kwaadheid. Noem het manisch. Alsof je door woede verlichting vindt.”
In Faltakhs teksten vloeien zielenpijn en pisnijdige verontwaardiging weer furieus door elkaar. Sarcasme en melancholie, waanzin en Weltschmerz: Faltakh jongleert met indrukken en sferen zoals weinig Belgische songschrijvers dat doen.
,,Mijn teksten zijn veelal cryptisch”, zegt hij. ,,Autobiografische elementen en fictie lopen door elkaar. Zeggen dat ik kunst probeer te creëren in mijn hoofd, klinkt te belegen en pretentieus, maar ik tracht wel een heel specifieke fantasiewereld te scheppen. Ik probeer simpelweg beeldend te werk te gaan”.
,,Younes heeft ook geen notitieboekje nodig”, zegt Govaerts over zijn kompaan. ,,Soms zitten we op café en hoort hij een goeie tekstregel in een verspreking van iemand of in een misverstand tussen kameraden. Dan tikt hij zoiets in op zijn gsm. Zo krijg je snel mooie, weirde uitspraken.”
Nu moet The Hickey Underworld de baan op. Liefst naar het buitenland, als het ons betreft, want met dit soort platen mag je niet binnen de landsgrenzen blijven. ,,De goesting om te spelen is er keihard”, zeggen de mannen.
,,Maar niet in die mate dat we ons willen inkopen in een toernee als voorprogramma van één of andere buitenlandse band. We willen naar de clubs gaan waar vierhonderd man binnen kan. Nu we twee platen hebben kunnen we een mooi verhaal vertellen.”